Art 48
We zijn allen verschillend; we zijn allen gelijk.
RUBRIEK: Bewustzijn    Geplaatst op 23 januari 2026

In elke reflektie vertrek ik steeds vanuit de konstatatie van een bepaalde REALITEIT en niet vanuit een bepaald concept OVER die realiteit. Een reflektie begint met een observatie, en de aanvaarding/erkenning van een bepaalde realiteit. Hier en nu: de konstatatie dat iedere mens zijn eigen identiteit en individualiteit bezit. Als dat niet het geval zou zijn, zouden er niet zoveel onenigheid en twisten ontstaan/bestaan ; de verschillen tussen de mensen zijn juist de "brandstof" voor al die mogelijke botsingen en konflikten. Verschil in aard; verschil in temperament; verschil in denk- en zienswijze; verschil in motief; verschil in waarden; ...... Sommige van die verschil-len worden geregenereerd door de kultuur, de opvoeding, de gemeenschap, het ge-loof, het gezin, het tijdvak waarin we zijn opgegroeid. Maar veruit de meeste en diep-ste verschillen krijgen we mee vanuit onze geboorte of inkarnatie op Aarde: fysiek van onze DNA die we krijgen van onze familiale stam, en energeties van de specifieke kombinatie van energie die we meekrijgen van onze "hemelse stam". Van dat laatste is onze geboortehoroskoop de blauwdruk met onze voornaamste kwaliteiten EN gebreken, onze sterktes en zwaktes, onze uitdagingen en problemen, onze leerpro-cessen en karma.

Op de levensschool dat het Aardse bestaan is, hebben we immers allen ANDERE levenslessen te leren: de één om meer geduld te krijgen, terwijl de ander juist moet leren om meer initiatief te ontwikkelen; de één om beter na te denken en redelijker te worden, terwijl de ander moet leren meer emoties te tonen en met meer empathie te reageren. Een deel van de levenswijsheid bestaat eruit, zich precies van deze ver-schillen tussen de mensen bewust te worden, en daar terdege mee rekening te hou-den in de manier waarop we met elkaar omgaan, op elkaar reageren, met elkaar in relatie staan. Een hoop onterechte verwachtingen of geprojekteerd wishful thinking kunnen daardoor alvast vermeden worden. En een hoop nutteloze miserie en proble-men kunnen daardoor overbodig worden. Ik heb het steeds als een belangrijk onder-deel van het geven van kursussen gevonden, om de haantjes-de-voorsten te tempe-ren, en de schuchteren te stimuleren, om te verhinderen dat de eersten altijd aan het woord zouden zijn, en de tweeden altijd zouden zwijgen. Die verschillen tussen de mensen bestaan immers niet om ONenigheid en heibel te kreëren of om de verschil-len zelf te konsolideren, maar om via INTERAKTIE van elkaar te leren: door KONFRONTATIE met wat men zelf mist bij een ander, dit tekort bij zichzelf leren te ontwikkelen; en door konfrontatie van zijn effekt op anderen, dit teveel bij zichzelf leren te remmen. DIVERSITEIT bestaat niet OM de verschillen te bestendigen, maar om binnen de dialektiek van uitwisseling precies eenzijdigheid te vermijden en een bepaalde harmonie of evenwicht te bekomen. Het kontakt met yin maakt yang wat minder extreem yang; en yin wordt minder eenzijdig yin dank zij het kon-takt met yang.

Men kan dan ook het nefaste van die drang naar "eenheidsworst" begrijpen, waaraan ALLE leren zich zondigen die stellen het ego af te schaffen, omdat het "de bron van alle ellende en kwaad zou zijn" (sic). Zich moeten konformeren aan opgelegde regels door zijn eigen individualiteit te ontkennen en te ontkrachten, is uitermate nefast voor de gezonde ontwikkeling van zijn persoonlijkheid; of dit nu in het leger, op school of in naam van een geloof gebeurt. Het is immers noodzakelijk om zijn EIGEN pad te leren vinden en bewandelen; en het is net zo belangrijk voor de gezon-de integriteit van zijn psyche, om zelf zijn EIGEN innerlijke waarheid te leren ont-vouwen. Het opleggen van een uitgestippeld pad en voorgeschreven regels, helpt immers hoegenaamd niet in de EIGEN ZOEKTOCHT daarnaar. Het is alsof men al-dus de mensen het signaal geeft: hou op met zoeken, want DIT is het kant-en-klare antwoord op al je vragen.

In wezen is dit het TEGENDEEL van het bevorderen van het individueel groei- en leer-proces, maar is er sprake van een indoktrinatie-proces: men stampt er "de doctrine" op alle mogelijke manieren met de pollepel in. In sekten is sociale druk een welbekende strategie om volgers of adepten in het gareel te doen lopen; het is een mechanisme dat ik helaas de dag van vandaag ook terug vind in de manie om bewust -zijnsprocessen in groepsverband te laten plaats vinden: initiatiecirkels, mannen-cirkels, vrouwencirkels, ..... Iedereen is lief voor elkaar, en noemt elkaar "broeder" of "zuster"; het gekende love-bombing als ware men één grote familie waarin men de verbondenheid voelt die men daarbuiten zo moeilijk kan vinden. Ware het niet, dat dit in tegenstelling tot het echte leven daarbuiten, zo vrijblijvend en zonder konse-kwenties blijft, maar dat het tegelijk gepaard gaat met een volledige opeising van en-gagement. Men moet zich letterlijk en figuurlijk losrukken UIT die al te nadrukke-lijke "omarming".

Tot vervelens toe; tot wat DIENT het ego? Precies om ZULKE sociale pressie te kun-nen weerstaan; om NEEN te zeggen wanneer dat moet; om zijn grenzen aan te ge-ven en pas naderbij te komen wanneer men daar ZELF zin, nood of behoefte aan heeft. Om ZELF zijn keuzes te nemen, en niet tot iets verplicht te worden in naam van de "gemeenschap", "de goede zaak", het geloof, of wat dan ook. In feite draait men de zaken om: het ego dient om voor ZICHZELF op te komen, maar door dat als "egoïsme" te bestempelen en de aktiviteit van het ego als negatief te bestempelen, breekt men het gezonde zelfvertrouwen af om voor zichzelf op te komen. Wie heeft daar baat bij? Niet de persoon zelf, maar "de maatschappij" of "het systeem". De sixties liggen weliswaar al een poos achter ons, maar de sociologiese inzichten die ik mij toen heb eigen gemaakt, ben ik niet vergeten. Het ego maakt ons weerbaar tegen al die invloeden die ons telkens weer willen doen integreren en konformeren, verknechten en verslaven, ons in het gelid willen doen lopen, ons willen een keurslijf aanmeten en het zwijgen willen opleggen..

Vaak verwijt men mensen die tegen de stroom in zwemmen, rebels of tegendraads zijn, dat zij een groot ego zouden hebben; maar is dat ook zo? Wie zou "een groot ego hebben": zij die gewoon hun eigen pad willen kunnen bewandelen, en zich weinig "moeien" met anderen onder het motto "leven en laten leven"? Of zij die uit zijn op succes, beaming, bevestiging en respons en daarvoor op anderen "inspelen" en dus nodig hebben? Was Van Gogh iemand met een groot ego, of eerder een eigen-zinnigaard die zich weinig aantrok van wat anderen over hem konden denken of vin-den? Om anderen met zijn eigen wilsbeschikkingen lastig te vallen, moet een per-soon erop gebrand zijn om invloed, ja zelfs kontrole en tenslotte zelfs macht OVER anderen te zoeken. Daarentegen zal iemand die anderen VRIJ laat in hun zijn en keuzes, er alleen op gericht zijn om over zichzelf kontrole te vinden, en zijn keuzes en handelen niét te laten afhangen van die "anderen". Voor zichzelf kunnen en durven opkomen ( en ook voor een ander trouwens) met het besef dat men tegenwind en te-genstand kan krijgen, vergt een psychiese moed. Mensen met "een klein ego" ver-oorzaken dus in vergelijking veel meer problemen en miserie door hun lafheid: door zich te verschuilen in de massa, door te zwijgen, door nergens in verzet tegen te ko-men, door zich alles te laten welgevallen, bestendigen zij de status quo, mistoestan-den, korruptie, onrechtvaardigheden, .....

Als het Ego de buitenste schil van het Zelf en de bufferzone tussen buiten- en bin-nenwereld is, dan zijn het vooral extroverten die zich in die buitenwereld zullen willen manifesteren, terwijl intoverten meer gericht zullen zijn op de binnenwe-reld. Kreatieve en op zich uitstekende muzikanten zoals een Nick Drake en Syd Bar-rett hielden er als introverten niet van om in de schijnwerpers te staan en voor een publiek op te treden, dus werden niet populair, om pas na hun dood een soort cult-figuren te worden. En wat gezegd van Van Gogh die bij zijn leven nooit een schilderij heeft verkocht? Ware het daarom niet beter te spreken van gepantserde en open ego's , dan van "grote" en "kleine"? Zelfzekerheid is immers geen absolute eigen-schap die op ALLES en ALLE bestaansvlakken slaat; maar heeft meestal betrekking op een heel specifiek vlak waar een persoon zich "thuis" voelt en goed in is. Men kan zich bijvoorbeeld op het vlak van denken en redeneren erg in zijn sas voelen, maar tegelijk op het vlak van emoties erg onzeker voelen. Iedereen heeft aldus welbepaal-de gepriviligeerde domeinen waarin hij zich zeker en sterk voelt, en bepaalde schaduw-domeinen waar hij zich onzeker en zwak voelt. Vanwaar anders deze kompleet zinloze drang om in één bepaald iets "de beste ter wereld te zijn", al is het maar in frieten bakken of op een paal te zitten?

Dit alles wijst erop dat men over de kwestie Ego doorgaans onvoldoende nadenkt, en zich tevreden stelt met er het label "verkeerd" op te plakken: het ego is niet die sta-in-de-weg van de spirituele ontwikkeling, waarvoor het als de usual suspect zo ge-makkelijk wordt aangewezen, maar veeleer een sta-in-de-weg van (mogelijke) indok-trinaties en "herprogrammeringen" waaraan leren, sgodsdiensten, sekten en maat-schappijsystemen zich schuldig kunnen maken. De verleiding van kant-en-klare denkpatronen en leefregels aangereikt te krijgen, op voorwaarde dat men die INTE-GRAAL overneemt, en voortaan ZO zal denken, spreken en leven. Horigheid en volgzaamheid zijn deugden die door alle maatschappelijke en kerkelijke struktu-ren worden geroemd; zij die niet tegenstribbelen zijn immers zij die gemakkelijk kunnen ingelijfd worden. De VRIJE WIL is niet bereid om dit zonder strijd te laten gebeuren; het ego is derhalve de bewaker van de zelfstandigheid en de strijder van de individualiteit. Met alle Chinezen, maar niet met den deze!

Connected
Stereo MC's

Er schijnt een soort Babyloniese verwarring te heersen in deze "moderne tijden" over waar men dan gelijkheid en overeenkomst moet gaan zoeken. Aan de ene kant is er door de vergaande polarisiatie een sterk gevoel van afscheuring en isolatie ont-staan, waardoor een al even sterk verlangen en behoefte naar verbinding bestaat. Sla de kursussen en de workshops in de spirituele sector maar in, hoe snel en gepro-nonceerd het begrip "verbinding" daaruit springt. Aan de andere kant gaat men het met het uitgerekend daar gaan zoeken, waar het niet echt te vinden is. Ik verklaar mij nader: SAMEN iets doen, aan een gezamenlijk projekt werken, konkrete solidariteit voelen in het verwezenlijken van een gemeenschappelijk ideaal, elkaar "onderweg" ontmoeten, zijn SPONTANE manieren waarop kontakt en verbinding ontstaat. Het is de manier waarop kameraadschappen, vriendschappen en relaties ontstaan. Het in groepsverband willekeurig samen deelnemen aan evenementen met de verplichting direkt in verbinding te "moeten" treden, is geweldig kunstmatig; iets wat alleen op scholen en op het werk plaats vindt. Zelfs in de sixties -notoir voor zijn excessen- bakte men het niet zo bruin. Alleen in de ashrams van guru's zoals Bhagwan Sri Raj-neesh werd er een dergelijk sfeertje op na gehouden: tout le monde est beau; tout le monde est gentil. Helaas, want als men iets NIET hoefde over te nemen, was het dit soortgelijk gekonditioneerd gedrag wel: het zich verliezen in een door "de meester" voorgeschreven vorm onder het goedkeurend oog van zijn adjunkten.

Ook op de forums van Facebook en Co, lijken de mensen wel in de greep van een pa-niese angst om in hun mening ALLEEN te komen staan. Men volgt slaafs het alge-meen narratief, zonder te durven afwijken van de docrtrines of kritiese vragen te durven stellen. Bovendien lijkt het me niet bepaald een goed idee voor iemand wiens persoonlijke problematiek eruit zou bestaan van slecht met sociale druk en inmen-ging om te gaan, van zich in zulk geforceerd groepsverband (= met wildvreem-den ipv met naasten) open te stellen: het triggert precies de motieven die aan de ba-sis van zijn patroon liggen; zij het dan in de eerste plaats onderbewust. Vermits de konkrete levensomstandigheden waarvoor zo'n patroon "dient" tegelijk ook ontbre-ken -in de gestaltherapie worden die bijvoorbeeld toch op zijn minst nog eens nage-speeld- kan de persoon misschien de illusie krijgen dat hij zijn patroon "ontgroeid" is. Niets is minder waar, zal direkt blijken wanneer hij de artificiële cirkel zal verlaten om terug het echte leven in te stappen. Waar haalt men het vandaan dat het bewust -zijnsproces een sociaal proces zou zijn? Informatie en kennis kan men weliswaar aan elkaar doorgeven, technieken kunnen aangeleerd worden, en de aanwezigheid van anderen kan een stimulans of een steun betekenen om iets te durven of vol te houden (denk aan de AA-bijeenkomsten, het vuurlopen, de weight-watchers bvb). Maar als men iets VAN elkaar wil leren, komt dat vanuit een dialoog of een interaktie met één individuele persoon. Een GROEP is daarentegen meestal gedrags- en be-wustzijnsbeperkend van aard: een woedende volksmeute die iemand wil lynchen, een bende voetbalhooligans die andere fans bestormen, een op hol geslagen menigte, een kudde betogende extremisten, .... zijn niet direkt toonbeelden van de intelligen-tie en beschavingsgraad van de homo sapiens. In een groep wordt hij blijkbaar terug gekapulteerd naar zijn meest primitieve oer-verschijning: het zich afreageren van zijn frustraties en emoties tegen iemand of iets die het moeten ontgelden. En hoe sterker zo'n kudde geleid wordt, hoe sterker de roep naar konformeren klinkt, en hoe sterker "afwijkend gedag" gecensureerd wordt. Aleen wanneer men exakt hetzelfde doet als alle anderen rondom hem, en wat hem verwacht wordt, wordt men als een "volwaardig lid" van de kudde geaccepteerd.

Er schijnt ook verwarring te heersen waar men EENHEID moet zoeken. Vandaar die vaak al even geforceerde reflex naar non-dualisme waar "alles zogezegd in verbin-ding met alles zou staan". WAAR ligt de verwarring precies?

In het gelijkstellen van in verbinding staan met met elkaar vermengd zijn. Dat is NIET hetzelfde; en dat is heus geen semantiek of haarklieverij. Wanneer twee kamers met elkaar in verbinding staan, betekent dit dat er een opening tussen bei-de bestaat: een deur. Een deur die men zowel kan openen als sluiten. Een deur die een scheidingswand is tussen beide en die, alhoewel die de verbinding TUS-SEN beide toelaat, ook de begrenzing vormt die de kamer in haar eigenheid en funk-tie bewaakt. Een bureau is om te werken; een slaapkamer om te slapen; die zijn niét "hetzelfde", maar hebben elk hun specifieke inrichting en gebruik. Net zo staan li-chaam en geest met elkaar in verbinding via specifieke "deuren" of uitwisselings-kanalen (van de psycho-somatiek), maar TEGELIJK op zichzelf staande en funk-tionerende entiteiten: het lichaam is een op zichzelf bestaand organisme, onderhevig aan de wetten van de materie en dat alle lichaamsprocessen coördineert. Net zoals het Zelf een op zichzelf werkende psychiese integriteit is die alle emoties, indruk-ken, gedachten, ervaringen, .... coördineert als een eenheid. In de Natuur bestaat een biotoop als een levende eenheid uit duizende organismen die op miljoenen manieren met elkaar in verbinding staan, maar elk hun eigen, specifieke rol spelen BINNEN dat geheel en dus ook hun eigen individualiteit bewaren.

Met andere woorden: komplete afscheiding van elkaar -het strikte dualisme- en kom -plete versmelting met elkaar -het strikte non-dualisme- zijn EXTREMEN. Het ex-treem van grenzen en afbakingen ZONDER enige verbinding (bvb tussen stof en geest); resp. het extreem van komplete versmelting ZONDER de minste afbakingen of begrenzingen (stof en geest zijn "hetzelfde"). Yang en yin zijn duidelijk van el-kaar afgebakende en specifiek omlijnde begrippen, die van elkaar verschillen; dat ze twee facetten van een bepaalde realiteit zijn, betekent dat ze als koppel steeds in een bepaalde verhouding en relatie staan tov elkaar. En niét dat ze aan elkaar "gelijk" zouden zijn, of in elkaar zouden "oplossen". Hetzelfde geldt voor de begrip-pen buitenwereld-binnenwereld, lichaam-psyche, sociaal-individueel, los-vast, goed-kwaad, positief-negatief, ..... Het ongebreidelde verlangen van het nondualisme om alle tegenstellingen op te heffen, gaat dus 3 bruggen te ver door alle verschillen en onderscheid weg te willen nivelleren onder het installeren van een diktatuur van gelijkheid (en overigens ook middelmatigheid). Het is zoals met een uniform - iedereen gelijk in VORM!!-: aan de basis ligt de goedbedoelde intentie om iedereen "gelijk" te behandelen, maar de installatie van zo'n keurslijf houdt steeds de censuur en onderdrukking van het anders-zijn in. Kijk maar waarin de woke-beweging is uit-gemond. Het verlangen naar uniformiteit steunt op kontrole en het beknotten van vrijheid.

Liefde is zo'n gebied waar de dialektiek "verschillen" en "gelijkheid" vaak wordt uit-gevochten. Aan de ene kant wordt liefde verondersteld twee mensen die van elkaar houden totaal met elkaar te laten versmelten tot een "eenheid"; men spreekt daarbij zelfs over "mijn wederhelft", of stelt de zoektocht naar een partner voor als de quees-te naar een "zusterziel". Vaak stellen "koppels" zich ook als dusdanig op: "wij" tegen de rest van de wereld. Maar aan de andere kant zou iedereen zich toch moeten reali-zeren dat de twee personen die in relatie staan met elkaar, uiteindelijk ook twee ver-schillende personen zijn met hun eigen karakter, hun eigen psyche, hun eigen motie-ven, ... Hun verschillend-zijn was niet alleen vaak de reden waarom ze zich aanvan-kelijk tot elkaar aangetrokken voelden, maar nadien ook de reden waarom ze met el-kaar botsen en een specifieke relatieproblematiek kennen.

Maar het verlangen naar en de behoefte aan liefde, hebben we allen GEMEEN. Ongeacht onze kulurele achtergrond, ons geloof, de opvoeding die we hebben gehad, onze persoonlijke geschiedenis, onze huidskleur, het kontinent waarop we leven, ons geslacht of onze leeftijd, ALLEN hebben we die ZELFDE nood om van iemand te hou -den en door iemand gehouden te worden. We hebben allemaal ook nood aan een dak boven ons hoofd, een plaats waar we ons kunnen terugtrekken en ons veilig en "thuis" kunnen voelen. Aan een zinvol bestaan met het beoefenen van werkzaamhe-den die eervol en nuttig zijn, en ons een basisinkomen verschaffen om datgene te hebben wat we nodig hebben: voldoende voedsel, kledij, huisraad, ..... Aan voldoende rust, harmonie en steun om vredig op een plaats te kunnen blijven leven en wonen.

Daarnaast hebben we nog een aantal zaken gemeen: een lichaam met een immuniteit om zichzelf gezond te houden, een regeneratievermogen om zichzelf te vernieuwen en een genezingskracht om zichzelf te healen; een geest met eenzelfde struktuur, twee manieren van denken, een bewustzijn om binnenwereld en buitenwereld op elkaar af te stemmen, en allerlei bijzonderheden om problemen te verwerken of uit te stellen (onderbewustzijn, masker, schild, patronen, ...), een geheugen om belangrijke dingen op te slaan en een spraak om dingen mede te delen. We hebben allen ook nood aan het kontakt en het gezelschap van anderen, want we zijn een sociale soort, die uit noodzaak beter samenwerken met elkaar niet alleen om sterker te staan maar ook en vooral om dingen te kunnen realizeren die we op ons eentje onmogelijk kun-nen realiseren. We kennen allen een heel gamma aan DEZELFDE emoties en gevoe-lens: vreugde, verdriet, angst, eenzaamheid, mislukking, rouw, depressie, sympathie, apathie, empathie, medeleven, antipathie, afkeer, ..... We zijn ons allen bewust van onze kwetsbaarheid en sterfelijkheid, althans zouden dat toch móeten zijn omdat we er voortdurend aan herinnerd worden door alles wat we meemaken en mee gekon-fronteerd worden door alle bekende en minder bekende mensen die rondom ons per-manent verdwijnen.

We hebben dus veel met elkaar gemeen, maar vreemd genoeg "vergeten" we dat to-taal op momenten, of zoeken we dat op andere momenten op verkeerde of geforceer-de manieren. Omdat we als soort homo sapiens zover zijn ontwikkeld dat we de vrij -heid van keus hebben ontwikkeld, kunnen we het bestaan ook nodeloos ingewik-keld en komplex maken, met een hoop extra moeilijkheden, spanningen en overbo-dige problemen. We moeten dus de wijsheid ontwikkelen om onze keuzes en priori-teiten steeds te bevragen, en bovenal NIET vergeten dat we we Aardse inkarnaties zijn die in een een duale en eindige, onvolmaakte wereld leven. Dit brengt zijn BEPERKINGEN mee -ook in de TIJD- waarmee we derhalve dienen rekening te houden; zowel in onze levenspraktijk, als in onze map over de realiteit in onze geest, in ons bewustzijn. We blijven dezelfde identiteit en individualiteit, maar fysies ver-ouderen we en psychies evolueren we; we blijven gelijk en toch veranderen we tegelijk. We zijn gelijk aan alle andere mensen, en tegelijk toch ook verschillend.